|
De eerste radio-exposure van zijn eerste single That's All Right Mama had zo'n impact, dat Elvis plaatselijk meteen een
groot succes was. Met liveoptredens (in de regio) nam zijn populariteit alleen maar toe. Elvis' eerste 'echte' manager was
Bob Neal, gezegd moet worden dat Sunbaas Sam Phillips ook een verdekte manager bleef (voor die tijd managede Scotty Moore
Elvis, hij fungeerde voornamelijk als wat we tegenwoordig 'road manager' zouden noemen). Neal en Phillips hadden al snel
door dat Elvis' populariteit in zo'n rap tempo steeg dat het managen van deze ster een hele kluif was. Phillips zinspeelde
op de verkoop van zijn artiest om op deze wijze artiesten als Johnny Cash en Roy Orbison te lanceren. Met een toenemende
vraag naar professionalisme rondom zijn management werd Bob Neal al snel te licht bevonden. Dit onderkende ook ene Tom
Parker, beter bekend als 'The Colonel', die Elvis kon overtuigen om hem als manager te nemen.
Het eerste wapenfeit van Elvis' nieuwe manager was om Elvis onder te brengen bij RCA Victor. Elvis ondertekende bij de
invloedrijke muziekproducent Steve Sholes een platencontract voor $35.000, destijds een recordbedrag, waarmee RCA ook de
rechten voor alle Sun-opnamen overnam.
In januari 1956 trad hij voor het eerst op in een landelijke televisieshow, de Stage Show van Jimmy en Tommy Dorsey.
Elvis zou daarna nog veelvuldig van het medium televisie gebruikmaken om zijn populariteit te behouden.
In datzelfde jaar mocht hij zijn eerste gouden plaat in ontvangst nemen voor zijn eerste RCA-plaat, die nr. 1 stond in
drie verschillende hitlijsten: Heartbreak Hotel. Nummers als Money Honey en I Got a Woman waren oorspronkelijk van andere
zangers, maar de manier waarop Elvis ze uitvoerde sprak de tieners van die tijd aan en het werden alle rockklassiekers.
Nummers als Love Me Tender, Hound Dog, Don't Be Cruel, All Shook Up, Teddy Bear, Jailhouse Rock waren zeer grote hits. Tot
in 1958 nam hij de ene na de andere plaat op, in totaal 14, die alle ongehoord veel succes hadden.
Vooral Elvis' optredens deden veel stof opwaaien. Veel mensen vonden de snelle bekkenbewegingen waarmee hij zijn
podiumoptredens begeleidde schandalig en immoreel. Hij werd al gauw 'Elvis the Pelvis' genoemd (pelvis=bekken), een
bijnaam die Elvis zelf niet al te leuk vond. Zijn invloedrijke manager wist Elvis op onnavolgbare wijze te vermarkten.
Colonel Parker zou later 'ontmaskerd' worden als de illegaal geëmigreerde Nederlander Dries van Kuijk.
Elvis Presley werd voor de eerste keer opgeroepen om zijn dienstplicht te vervullen op 20 december 1957. Hij was toen
nog bezig met de film King Creole, en kreeg toestemming de film eerst af te maken. Uiteindelijk ging Elvis op 24 maart
1958 in dienst. Veel critici waren van mening dat de militaire dienst (1958 - 1960) een einde aan de carrière van Elvis
zou maken. Elvis maakte het zichzelf niet makkelijk door in plaats van gebruik te maken van zijn populariteit en allerlei
makkelijke baantjes te vervullen, de gewone dienstplicht als soldaat te doorlopen. Hij begon zijn dienstplicht in Fort
Hood in Texas. Later zou hij worden uitgezonden naar Duitsland. Hier (in Bad Nauheim) heeft hij een tijdje gewoond met
zijn familie. In die tijd maakte hij onder andere een uitstapje naar Parijs. Op de terugvlucht naar Amerika maakte het
vliegtuig een tussenlanding in Schotland. Dit was de enige keer dat Elvis in Groot-Brittannië kwam.
Deel 3
|